Producten

Overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst

Overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst 

Tijd om te lezen: 4 min.

Door baby's in de NICU tijdens het niet-voedend zuigen aan de borst te prikkelen, kunnen ze gemakkelijker overstappen van enterale voeding naar borstvoeding. Een effectieve melkoverdracht tijdens de borstvoeding is het ultieme doel van lactatie-interventies. Daarom moeten er nauwkeurige maatregelen worden getroffen om ervoor te zorgen dat dit wordt bereikt.

Wat houdt de overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst in?

Overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst is de vooruitgang van enterale voeding naar effectieve melkoverdracht direct uit de borst.

Veel baby's in de NICU kunnen bij de geboorte niet rechtstreeks drinken aan de borst vanwege de zwangerschapstermijn, prematuriteit, gerelateerde neonatale morbiditeiten en medische aandoeningen.

De overgang van enterale voeding begint vroeg met huid-op-huidcontact met de moeder en maakt het volgende mogelijk voor de baby:  1-3

  • Niet-voedend zuigen (NNS)
  • Zintuiglijke orale stimuli aan de borst
  • Progressie naar voedend zuigen (NS)
  • Zuigdynamiek van borstvoeding geleidelijk leren


Waarom is de overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst belangrijk?

Positieve borstvoedingservaringen in de NICU zijn fundamenteel voor een blijvend succes na ontslag.4

Premature baby's met een eerste orale-voedingservaring rechtstreeks aan de borst hebben langere borstvoedingssessies terwijl zij in de NICU verblijven.5

NNS aan de borst verbetert de overgang naar borstvoeding voor voedingsdoeleinden en wordt in verband gebracht met een langere borstvoedingsperiode.2 Door de ervaringen aan de borst (NNS en NS) en het melkoverdrachtsvolume te monitoren, kunnen

  • moeders de voedingssignalen van hun baby observeren en voedingen aan de borst initiëren
  • we de melkoverdracht nauwkeurig evalueren middels testweging vóór en na de borstvoeding.6,7

Deze praktijken ondersteunen de overgang naar exclusieve voeding rechtstreeks aan de borst.


Overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst optimaliseren

Initieer en volg de melkproductie van de moeder effectief om te bepalen of de melkproductie op gang komt (dagelijkse volumes ≥ 500 ml/dag)

  • Ondersteun regelmatig NNS en de ontwikkeling naar NS zodra dit fysiologisch verantwoord is
  • Documenteer standaard NNS- en NS-gebeurtenissen
  • Ondersteun huid-op-huidcontact met de moeder gedurende > 1 uur per keer
  • Raad testweging aan als gevalideerde meting van melkoverdracht die tijdens het voeden aan de borst wordt overgedragen om:
    • Het werkelijke melkvolume dat tijdens de borstvoeding is ingenomen te noteren
    • Aanvulling op maat toe te dienen volgens de melkinname
    • De overgang van de baby in de NICU naar volledige borstvoeding vóór het ontslag te ondersteunen
    • Moeders te stimuleren en vertrouwen te geven in borstvoedingsvaardigheden en te voldoen aan de voedingsbehoeften van hun baby
    • Te zorgen voor een individuele planning na ontslag uit het ziekenhuis om moeders te ondersteunen die mogelijk moeten blijven kolven om hun aanbod op peil te houden.


Hoe de overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst te monitoren

Verzamel gegevens over de frequentie van niet-voedend zuigen en de kwaliteit van het voedend zuigen (overdracht van melkvolume).

Controleer en evalueer maandelijks de gegevens om het volgende te meten:

  • Het percentage baby's die de eerste orale voeding aan de borst drinken.
  • Het percentage voedingen aan de borst waarvan de melkoverdracht is gevalideerd door te wegen.
  • Het percentage baby's dat borstvoeding krijgt ≥ 1 keer per dag gedurende 7 dagen voor het ontslag en ≥ 6 keer per dag gedurende 48 uur voor het ontslag.

Auditeer gegevens maandelijks om de voortgang te beoordelen, uitdagingen te identificeren en aan te pakken om de overgang naar rechtstreekse borstvoeding te verbeteren

Literatuur

1. Meier PP et al. Evidence-based methods that promote human milk feeding of preterm infants: An expert review. Clin Perinatol. 2017; 44(1):1–22.

2. Narayanan I et al. Sucking on the 'emptied' breast: non-nutritive sucking with a difference. Arch Dis Child. 1991; 66(2):241–244.

3. Spatz DL. Innovations in the provision of human milk and breastfeeding for infants requiring intensive care. J Obstet Gynecol Neonatal Nurs. 2012; 41(1):138–143.

4. Briere C-E et al. Direct-breastfeeding in the neonatal intensive care unit and breastfeeding duration for premature infants. Appl Nurs Res. 2016; 32:47–51.

5. Pineda R. Direct breast-feeding in the neonatal intensive care unit: is it important? J Perinatol. 2011; 31(8):540–545.

6. Haase B et al. The development of an accurate test weighing technique for preterm and high-risk hospitalized infants. Breastfeed Med. 2009; 4(3):151–156.

7. Hurst NM et al. Mothers performing in-home measurement of milk intake during breastfeeding of their preterm infants: maternal reactions and feeding outcomes. J Hum Lact. 2004; 20(2):178–187.

Aanverwante artikelen

Artikelen die van belang kunnen zijn

Effectieve initiatie

Hulpmiddelen voor een succesvolle overgang van ziekenhuis naar huis

Meer lezen
Overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst

Huid-op-huidcontact

Meer lezen
Voordelen van moedermelk

Medicijnen en borstvoeding

Meer lezen
Effectieve initiatie

Hulpmiddelen voor een succesvolle overgang van ziekenhuis naar huis

Meer lezen
Overgang naar rechtstreeks voeden aan de borst

Huid-op-huidcontact

Meer lezen
Voordelen van moedermelk

Medicijnen en borstvoeding

Meer lezen